inzamelmiddel voor de gebruiker van een
perceel
1.Het is voor de gebruiker van een perceel ten behoeve van wie
krachtens artikel 4.2.9, tweede
lid, voor een bepaalde categorie huishoudelijke afvalstoffen een
inzamelmiddel is aangewezen of
van gemeentewege is verstrekt, verboden de betreffende afvalstoffen
anders aan te bieden dan via
het daartoe aangewezen of verstrekte inzamelmiddel.
2.Het is voor de gebruiker van een perceel verboden andere
categorieën huishoudelijke
afvalstoffen via een inzamelmiddel aan te bieden, dan de categorie
waarvoor dit inzamelmiddel
krachtens artikel 4.2.9, tweede lid, is bestemd.
3.Het college kan regels stellen omtrent de plaatsen en wijze waarop
huishoudelijke afvalstoffen
via een inzamelmiddel ter inzameling moeten worden aangeboden.
4.Het college kan regels stellen met betrekking tot het maximale
gewicht van de afvalstoffen per
inzamelmiddel en het maximale aantal inzamelmiddelen dat per keer
kan worden aangeboden.
5.Indien van gemeentewege een inzamelmiddel aan de gebruiker van een
perceel is verstrekt
kan het college regels stellen omtrent de voorwaarden waaronder het
inzamelmiddel is verstrekt,
het gebruik en het reinigen daarvan.
6.Indien het inzamelmiddel niet van gemeentewege is verstrekt, kan
het college eisen stellen aan
het te gebruiken inzamelmiddel.
7.Het is verboden huishoudelijke afvalstoffen op andere wijze ter
inzameling aan te bieden dan
krachtens dit artikel is bepaald.
8.Het is verboden voor anderen dan de gebruiker van een perceel ten
behoeve van wie krachtens
artikel 4.2.9, tweede lid, een inzamelmiddel is verstrekt of
aangewezen, hun afvalstoffen ter
inzameling aan te bieden via dit inzamelmiddel.
HOOFDSTUK 4. › Paragraaf 2
Artikel 4.2.15
Ter inzameling aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen via een
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening Schiedam 2010