1.Het is degene die er zijn bedrijf, nevenbedrijf dan wel een
gewoonte van maakt voertuigen te
stallen, te herstellen, te slopen, te verhuren of te verhandelen,
verboden:
a.drie of meer voertuigen die hem toebehoren of zijn toevertrouwd,
op de weg te parkeren
binnen een cirkel met een straal van 100 meter met als middelpunt
een dezer voertuigen, dan wel;
de weg als werkplaats voor voertuigen te gebruiken.
Onder verhuren als bedoeld in het eerste lid wordt
mede verstaan:
het gebruiken van een voertuig voor het geven van
lessen;
het gebruiken van een voertuig voor het vervoeren van
personen tegen betaling.
Tot de voertuigen bedoeld in het eerste lid worden
niet gerekend:
voertuigen waarin herstel- of onderhoudswerkzaamheden worden
verricht die in totaal niet
meer dan een uur vergen, zulks gedurende de tijd die nodig is voor
en gebruikt wordt voor deze
werkzaamheden;
voertuigen gebezigd voor persoonlijk gebruik van de in het
eerste lid genoemde persoon.
Het college kan van het in het eerste lid gestelde
verbod ontheffing verlenen.
HOOFDSTUK 5. › Paragraaf 1
Artikel 5.1.2
Parkeren van voertuigen van autobedrijf e.d.
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening Schiedam 2010