Het meldpunt bevestigt de ontvangst van een melding van een vermoeden van een misstand aan de ambtenaar die het vermoeden heeft gemeld en stelt burgemeester en wethouders op de hoogte van de melding.
Indien het meldpunt dit voor de uitoefening van zijn zaak noodzakelijk acht, stelt het een onderzoek in.
Ten behoeve van het onderzoek omtrent de melding van een vermoeden van een misstand is het meldpunt bevoegd bij burgemeester en wethouders alle inlichtingen in te winnen die het voor de vorming van zijn advies noodzakelijk acht. Burgemeester en wethouders verschaffen het meldpunt de gevraagde inlichtingen.
Het meldpunt kan het onderzoek of gedeelten daarvan opdragen aan één van de leden of een deskundige.
Wanneer de inhoud van bepaalde door burgemeester en wethouders verstrekte informatie vanwege het vertrouwelijke karakter uitsluitend ter kennisneming van het meldpunt dient te blijven, wordt dit aan het meldpunt meegedeeld. Het meldpunt beveiligt informatie met een vertrouwelijk karakter tegen kennisneming door onbevoegden.