De ambtenaar van 60 jaar en ouder wordt toegestaan de middagpauze met een half uur te verlengen dan wel de werktijd 's middags een half uur eerder te beëindigen onder de volgende voorwaarden:
tarieftoeslagen en dergelijke worden berekend alsof verlof is verleend met behoud van bezoldiging;
geen vergoeding wordt toegekend aan de ambtenaar, aan wie in incidentele gevallen niet kan worden toegestaan een half uur per dag korter te werken, omdat het dienstbelang dit niet gedoogt;
niet toegestaan is "vrije uren op te sparen" tot een halve dag vrij per week of anderszins;
de arbeidstijdverkorting geldt niet voor ambtenaren met een gedeeltelijke dagtaak (zogenaamde parttime betrekkingen);
de onderhavige verkorting mag niet cumuleren in gevallen, waarin de betrokken ambtenaar op advies van de bedrijfsarts reeds korter werkt.
In verband met het gestelde in lid 1 dient er naar gestreefd te worden, dat aan het doel van deze arbeidstijdverkorting - het tegemoetkomen aan de verminderde belastbaarheid van de oudere werknemer - wordt voldaan en dat in het kader van die doelstelling in beginsel aan personeelsleden van 60 jaar en ouder geen overwerk wordt opgedragen.
In enkele gevallen, bij voorbeeld bij ploegendiensten, kan het voorkomen dat het niet altijd mogelijk is een passende oplossing te vinden. In deze uitzonderingsgevallen is het toegestaan dat, met instemming van het afdelingshoofd, desgevraagd compensatie in vrije tijd wordt gegeven, indien is komen vast te staan dat de dienstuitvoering om organisatorische redenen een arbeidstijdverkorting met een half uur per dag absoluut niet toelaat.
Hoofdstuk
Artikel 5:3:0:1
Arbeidstijdverkorting voor werknemers van 60 jaar en ouder.
Onderdeel van CAR/UWO