Het is verboden met een snelle motorboot te varen, indien niet wordt voldaan aan elk der volgende eisen:
a.de boot moet ten name van de eigenaar zijn geregistreerd bij een orgaan, dat door de Minister van Verkeer en Waterstaat is aangewezen;
de boot moet zijn voorzien van een registratieteken, toegekend door het onder a. genoemde orgaan, bestaande uit één of meer letters en een nummer, die aan weerszijden van de boot op de huid midscheeps of aan de boeg met een hoogte van ten minste 15 cm, een breedte van ten minste 10 cm en een stamdikte van ten minste 2 cm in een van de onderkant sterk afwijkende kleur goed zichtbaar zijn aangebracht;
het door het onder a. bedoelde orgaan afgegeven registratiebewijs moet aan boord van de boot aanwezig zijn;
de boot moet zijn voorzien van een deugdelijke en doelmatige stuurinrichting;
er moet een zwemvest of een drijfkussen voor ieder der opvarenden, alsmede een deugdelijk brandblusapparaat aanwezig zijn;
de inrichting van de boot en van de motor moet zodanig zijn, dat gevaar voor brand of ontploffing en hinder voor de omgeving door rook, damp of walm wordt voorkomen;
De afgewerkte gassen van voortstuwings- en/of hulpmotor moeten door een behoorlijk geluiddempende inrichting worden afgevoerd;
De boot moet zodanig zijn ingericht, dat het uitzicht voor de bestuurder naar alle kanten vrij is;
De boot moet zijn voorzien vaneen technische inrichting, waarbij door het ontbreken van de besturing de middelen tot voortbeweging onmiddellijk of nagenoeg onmiddellijk tot stilstand komen;
Artikel 3.
Artikel 3.
Onderdeel van Verordening op de vaart met snelle motorboten op de Loowaard in Loo