In artikel 10 wordt bepaald dat de werkelijke kosten van de voorzieningen als scholing, aanpassing van de werkplek en vervoersvoorzieningen 100% vergoed worden, als deze naar het oordeel van burgemeester en wethouders noodzakelijk, sober en doelmatig zijn. Ook bij het Lisv en het CBA geldt het uitgangspunt van 100% kostenvergoeding. De gemeente kan hiervan echter wel afwijken en bijvoorbeeld besluiten tot maximaal 80% te vergoeden. Dit moet dan in de verordening worden opgenomen. Voor de overige subsidies zoals de loonkostensubsidie, de eenmalige trainings en begeleidingssubsidie, de persoonlijke ondersteuning en de communicatievoorzieningen voor doven zijn in het Buf al nadere regels gesteld ten aanzien van de maximale vergoeding.
Voor een pakket op maat geldt dat de gemeente vanaf een subsidie van f 50.000, rekening kan houden met het bedrijfseconomisch voordeel van de werkgever. Artikel 10, tweede lid bepaalt dat indien de werkelijke kosten van de voorzieningen waar voor subsidie wordt aangevraagd in de vorm van een pakket op maat hoger zijn dan f 50.000,, bij de bepaling van de hoogte van het subsidiebedrag rekening kan worden gehouden met het bedrijfseconomisch voordeel voor de werkgever van de te treffen voorziening. Deze bepaling is overgenomen uit het Reïntegratie instrumenten besluit Wet REA en geldt eveneens voor het Lisv en Arbeidsvoorziening.