Het college kan aan een instemmingsbesluit voorschriften en
beperkingen verbinden in het belang van:
de openbare orde;
de veiligheid, waaronder mede verstaan wordt de
verkeersveiligheid en/of een goede doorstroming van het
verkeer;
het voorkomen of beperken van overlast, waaronder mede
verstaan wordt het voorkomen of beperken van schade, de
bescherming van eventuele archeologische vondsten, van
groenvoorzieningen, bomen en beplantingen en van het
uiterlijk aanzien van de omgeving;
de bereikbaarheid van gronden of gebouwen, waaronder
mede verstaan wordt het veilig en doelmatig gebruik van
openbare gronden en gebouwen en het doelmatig beheer en
onderhoud ervan en het belang van nader aan te geven
grote lokale evenementen als weekmarkten en
kermissen;
de ondergrondse ordening, waaronder mede verstaan wordt
het zo min mogelijk hinder veroorzaken voor reeds in de
grond aanwezige werken en het niet in gevaar brengen of
zonder noodzaak bemoeilijken van deze werken, waaronder
mede verstaan worden werken ten behoeve van de levering
of het transport van elektronische informatie, gas,
water en elektriciteit.
Ter bescherming van de belangen als genoemd in het eerste lid
kan het college aan het instemmingsbesluit voorschriften of
beperkingen verbinden over het medegebruik van voorzieningen.
Een grondroerder is verplicht om zoveel mogelijk (mede)gebruik
te maken van bestaande, door andere netbeheerders of in opdracht
van het college aangelegde voorzieningen, zoals mantelbuizen,
kabelgoten en -geleidingen die door derden of de gemeente tegen
marktconforme prijzen ter beschikking worden gesteld. Indien de
grondroerder een redelijk aanbod wordt gedaan, is deze verplicht
ervan gebruik te maken.
Ter bescherming van de belangen als genoemd in het eerste lid
kan het college aan het instemmingsbesluit het voorschrift
verbinden van zekerheidsstelling voor de nakoming van de
voorschriften en beperkingen.
Indien de openbare gronden geen ruimte bieden voor de aanleg van
nieuwe kabels, dient de grondroerder een alternatief tracé te
kiezen, of (in geval van elektronische communicatienetwerken)
aan andere netbeheerders een verzoek tot medegebruik van kabels
en/of leidingen te doen.
De wijze van uitvoering bij aanleg, onderhoud, verplaatsing en
opruiming van kabels en leidingen en medegebruik van
voorzieningen geschiedt conform het Handboek als bedoeld in
artikel 1.q van deze verordening, dan wel voor de
periode dat er geen Handboek is de uitvoeringsregels van de
Leidraad voor gemeenten en nutsbedrijven inzake
(her)straatwerkzaamheden. In dat kader is het college bevoegd
voorschriften te stellen op het gebied van markering, afzetting
en het toepassen van proefsleuven. Bij tegenstrijdigheden van de
bepalingen van de AVOI en het Handboek voor wat betreft de
procedure hebben de bepalingen van de AVOI voorrang.
De gemeente beslist over het herstraten. De grondroerder
vergoedt aan de gemeente de schade voortvloeiend uit de
werkzaamheden, zijnde de marktconforme kosten van de
voorzieningen en van extra onderhoud. De beheerskosten en
degeneratievergoedingen zijn van toepassing conform de Richtlijn
Tarieven (graaf)werkzaamheden Telecom, categorie B2, waarbij
herstel wordt uitgevoerd door de grondroerder conform de
bepalingen in het Handboek, en waarbij de gemeente zelf het
onderhoud verzorgt. Aan herstel van bijzondere bestrating kan
het college nadere voorwaarden stellen.
De grondroerder is leges verschuldigd conform de Legesverordening en bijbehorende
Tarieventabel.
Hoofdstuk
Artikel 8
Voorschriften, beperkingen en verplichtingen
Onderdeel van Algemene Verordening Ondergrondse Infrastructuren gemeente Steenbergen