1. De verlaging wordt toegepast met ingang van de kalendermaand volgend
op de datum waarop het besluit tot het verlagen van de
inkomensvoorziening aan de jongere is bekendgemaakt.
2. In afwijking van het eerste lid kan de verlaging van de
inkomensvoorziening met terugwerkende kracht worden opgelegd, voorzover
de ingangsdatum daardoor niet voor de datum van de gesanctioneerde
gedraging komt te liggen.