De verlaging als bedoeld in artikel 32 van de wet bedraagt:
15 procent van de gehuwdennorm indien een woning wordt bewoond
waaraan voor de jongere geen woonkosten zijn verbonden;
15 procent van de gehuwdennorm indien géén woning door de
jongere bewoond wordt;
de verlaging als bedoelt in sub 1 en sub 2 van dit artikel vindt
plaats op de toeslag.