Het principe van het cafetariamodel houdt in dat een medewerker zijn bruto salariscomponent inruilt tegen netto vergoedingen, bijvoorbeeld voor het kopen van een fiets. Op die manier betaalt een medewerker geen belasting over het bedrag dat hij inzet en haalt gemiddeld een voordeel van 42%, want dit is het meest voorkomende belastingtarief. De randvoorwaarden hiervoor worden bepaald door de fiscale regelgeving en/of instructie van de inspecteur van de Belastingdienst. Hierdoor kunnen de voorwaarden van het cafetariamodel door de tijd heen wijzigen.
De regeling is van toepassing op alle medewerkers (tijdelijk en vast) van de gemeente Noordenveld, inclusief de vrijwilligers bij de brandweer. Een medewerker moet wel een aanstelling hebben van minimaal één jaar (bij de fietsregeling een vaste aanstelling).
De verlaging van de (bruto) bron heeft als voordeel dat er minder loonbelasting en premies sociale verzekeringen worden ingehouden.
Voor de werkgever betekent onder andere dat minder WAO-premie hoeft te worden afgedragen.
Het belastbare inkomen van de werknemer wordt door de deelname aan het cafetariamodel lager. Verlaging van de (bruto) bron betekent ook dat wanneer de werknemer bijvoorbeeld een deel van het salaris gebruikt als bron en hij wordt werkloos of arbeidsongeschikt, de uitkering lager kan uitvallen.
De verlaging van het belastbare inkomen kan gevolgen hebben op de inkomensafhankelijke subsidies zoals huurtoeslag, zorgtoeslag en rijksbijdrage kinderopvang (waarschijnlijk positief).
Omdat door de deelname het belastbare inkomen wordt verlaagd, heeft de deelname ook gevolgen voor het pensioengevend inkomen. Een voorbeeld: als het belastbare inkomen door de deelname aan het cafetariamodel met € 150 wordt verlaagd, wordt het pensioengevend inkomen ook verlaagd met € 150. Dit houdt in dat je in dat geval per jaar € 3,08 (bruto) minder aan pensioen opbouwt (2,05% van € 150).
Wanneer het brutosalaris wordt ingezet om een bestedingsmogelijkheid te financieren, heeft dat ook gevolgen voor salaris gerelateerde toelagen. Door de verlaging van het brutosalaris moet je rekening houden met een verlaging van de vakantietoeslag, de eindejaarsuitkering, de levensloopbijdrage en toeslagen zoals de toelage onregelmatige dienst. Voorbeeld: je zet € 100 van het brutosalaris in voor de financiering van een doel. Het brutosalaris wordt hierdoor € 100 lager. Maar ook bouw je minder vakantietoeslag (€8), levensloopbijdrage (€1,50) en eindejaarsuitkering (€ 6) op. Als je deze effecten wilt voorkomen, kunt je beter kiezen voor de inzet van andere bronnen.
Bronnen ->
Verkopen vakantie-uren
Salaris
Vakantietoelage
Eindejaarsuitkering
Levensloopbijdrage
Doelen |V
Fiets (€ 749)
X
X
X
X
Fietsverzekering (fietsregeling)
X
X
X
X
Accessoires fiets (€ 82)per/jr.
X
X
X
X
Storting levensloop
X
X
X
X
X
(nieuw) Woon-werk eigen vervoer
X 1)
X
X
(nieuw) Contributie vakbond
X
X
Verlof kopen
X
Salaris
X
1) zie artikel 5 lid 2 van de regeling cafetariamodel gemeente Noordenveld