Lid 1
Indien het deelnemerschap eindigt wegens:
beëindiging van het dienstverband op grond van artikel 4 lid 3 sub a of door opzegging als gevolg van artikel 4 lid 3 sub b van dit reglement zal ter keuze van de deelnemer:
de spaarloonrekening worden aangehouden of
de spaarloonrekening worden opgeheven;
op grond van artikel 4 lid 3 sub c, sub d, sub e of sub f zal de spaarloonrekening worden opgeheven.
Lid 2
Indien de spaarloonrekening op grond van in het vorige lid onder a gestelde wordt aangehouden, zijn de bepalingen uit dit reglement, die gelden voor de deelnemers van de spaarloonregeling betreffende het opnemen en bezwaren van spaarloon alsmede het uitkeren van spaarloon van overeenkomstige toepassing.
Lid 3
Indien de spaarloonrekening op grond van het gestelde in lid 1 wordt opgeheven, wordt het spaarloon teruggeboekt naar de werkgever.
Lid 4
Indien het spaarloon wordt teruggeboekt naar de werkgever, zal deze alsnog overgaan tot uitbetaling aan de deelnemer, onder inhouding van de dan verschuldigde belasting en premies.