Naar hoofdinhoud
1. Indien het burgerinitiatief aan de in deze verordening gestelde voorwaarden voldoet, draagt de griffie zorg voor de plaatsing op de agenda van het opiniërende deel van de vergadering van de raad. Tussen het tijdstip van indiening en de vergadering zitten ten minste twaalf werkdagen. In de daaropvolgende besluitvormende deel van de vergadering van de raad, beslist de raad. 2. De voorzitter nodigt de verzoeker schriftelijk uit voor het opiniërende deel van de vergadering van de raad waarvoor het burgerinitiatief is geagendeerd. De initiatiefnemer of zijn plaatsvervanger heeft tijdens deze vergadering de gelegenheid om zijn burgerinitiatief mondeling nader toe te lichten. 3. De voorzitter nodigt de verzoeker schriftelijk uit voor het opiniërende deel van de vergadering van de raad waarvoor het burgerinitiatief is geagendeerd. De initiatiefnemer of zijn plaatsvervanger heeft tijdens deze vergadering de gelegenheid om zijn burgerinitiatief mondeling nader toe te lichten. 4. Zo spoedig mogelijk nadat de raad over het burgerinitiatief een besluit heeft genomen, wordt dit besluit bekendgemaakt door kennisgeving van het besluit of van de zakelijke inhoud ervan in een huis-aan-huisblad, dan wel op een andere geschikte wijze. 5. Binnen één week nadat de raad over het burgerinitiatief een besluit heeft genomen, wordt van het besluit mededeling gedaan aan initiatiefnemer. 6. In afwijking van het bepaalde in het eerste lid kan de raad beslissen dat het burgerinitiatief eerst in een informatiebijeenkomst wordt toegelicht, dan wel in een programmacommissie ter besluitvorming wordt voorbereid. De initiatiefnemer, zijn plaatsvervanger dan wel zijn adviseur krijgen de gelegenheid het burgerinitiatief nader toe te lichten of met de programmacommissie in gesprek te gaan.

Rechtspraak bij dit artikel