Voor eenvoudige aanvragen in de lichte bouwvergunningsprocedure wordt een loketafdoening bevorderd (“klaar-terwijl-u-wacht-vergunning”). Vooral bij de welstandstoetsing is op dit punt tijdswinst te behalen in de bouwvergunningsprocedure. Vandaar dat in artikel 7 van het Besluit bouwvergunningsvrije en licht-bouwvergunningplichtige bouwwerken (Bblb) de eis is opgenomen dat gemeenten in hun Welstandsnota loketcriteria voor de welstandsbeoordeling geven voor de bouwwerken uit artikel 4 van het Bblb (het gaat hier om de bouwwerken genoemd in artikel 2 waarvoor ingevolge artikel 4 een lichte-bouwvergunningplicht geldt). Uitgangspunt in de gewijzigde Woningwet is dat er alleen welstandstoezicht kan worden uitgeoefend wanneer daarvoor criteria zijn vastgelegd in de Welstandsnota. Op grond van artikel 12a, derde lid, van de Woningwet moeten de welstandscriteria zoveel mogelijk zijn toegesneden op de verschillende categorieën bouwwerken.Woningwet, moeten de welstandscriteria zoveel mogelijk zijn toegesneden op de verschillende categorieën bouwwerken. De criteria mogen verschillen naargelang de plaats waar een bouwwerk is gelegen (gebiedsgerichte differentiatie). Voor de gemeenten is het dus zaak zo concreet mogelijke welstandscriteria vast te stellen in de nota naar aanleiding van het Tweede Kamerverslag is een uitvoerige uiteenzetting gegeven van wat daaronder moet worden verstaan. Het komt erop neer dat welstandscriteria zo volledig en objectiefmogelijk moeten zijn. Voor sommige bouwwerken kunnen deze criteria 100% “dekkend” zijn, zodat die als “loketcriteria” kunnen gelden. Deze term wordt overigens door de wet zelf niet genoemd. Het is in principe aan de gemeenten om te bepalen voor welke typen bouwwerken criteria dusdanig concreet worden geformuleerd dat ze een “sneltoets” aan het loket mogelijk maken. Naar de vorm en mate van (inhoudelijke) concreetheid zijn de loketcriteria vergelijkbaar met de bouw-, werk- en plaatsgebonden randvoorwaarden die in artikel 2 en 3 van het Bblb zijn opgenomen ten aanzien van bouwvergunningsvrij bouwen. De betekenis van de loketcriteria is evenwel geheel anders; loketcriteria spelen uitsluitend een rol bij de gemeentelijke welstandstoets. Op grond van artikel 12a, vierde lid, van de Woningwet kunnen ter bevordering van de eenheid in welstandnota’s bij Algemene Maatregel van Bestuur voorschriften worden gegeven omtrent categorieën van bouwwerken en standpunten als bedoeld in het derde lid en de criteria die daarop van toepassing zijn. In hoofdstuk IV, artikel 7 van het Bblb staat vermeld dat voor alle licht-bouwvergunningplichtige bouwwerken genoemd in artikel 4 van de AMvB de criteria voor welstand uitputtend zijn en uitsluitend betrekking hebben op plaatsing, vorm, maatvoering, materiaalgebruik en kleur.Loketcriteria moeten, op grond van het Bblb, in ieder geval worden opgesteld voor de volgende bouwwerken:•Bij een woning of woongebouw op de grond staande aan- of uitbouwen van één bouwlaag, met een maximale hoogte van 5 meter; •Bij een woning of woongebouw op de grond staande bijgebouwen en overkappingen bestaande uit één bouwlaag, met een maximale hoogte van 5 meter en een bruto- vloeroppervlak van maximaal 50 m2; •Het veranderen van een kozijn, kozijnvulling, luik of gevelpaneel van een woning of woongebouw of een bij een woning of woongebouw behorend bijgebouw; •Dakkapellen op een gebouw (zowel woningen als niet woningen); •Erf- en perceelafscheidingen. De criteria zijn zodanig geformuleerd dat de aanvrager tevoren weet hoe te bouwen om aan de welstandseisen te voldoen. Deze criteria maken het mogelijk om voor het loket de bouwvergunning te verlenen (“klaar-terwijl-u-wacht vergunning”).Verondersteld mag worden dat een aanvraag om bouwvergunning voor een bouwplan dat aan de loketcriteria voldoet, door de gemeente snel wordt afgehandeld. Advies van de Welstandscommissie ligt in zo´n geval niet in de verwachting. Dat laatste is anders wanneer een bouwplan niet aan de loketcriteria voldoet, In dat geval kunnen Burgemeester en Wethouders, na advies van de Welstandscommissie en gemotiveerd, beslissen de bouwvergunning toch te verlenen. Overigens zouden zij in zo´n geval de bouwvergunning ook kunnen verlenen indien zij van oordeel zijn dat het bouwplan in strijd met redelijke eisen van welstand, maar de bouwvergunning niettemin moet worden verleend (zie artikel 44, eerste lid onder d van de Woningwet).Vergunningsvrije bouwwerken die voldoen aan de welstandscriteria voor veel voorkomende welstandscriteria voor veel voorkomende kleine bouwplannen (kroketcriteria) voldoen in elk geval aan redelijke eisen van welstand.