Naar hoofdinhoud

Artikel 6

Orde

Onderdeel van Verordening Algemene begraafplaats 2008

1.. Het is verboden op de begraafplaats: zich op hinderlijke wijze te gedragen; te colporteren of goederen voor verkoop aan te bieden; op enige wijze reclame te maken voor handel of bedrijf; op de graven te lopen of de begraafplaats te verontreinigen; gedenktekens te ontvreemden, te verplaatsen, te beschadigen, te bekladden of op enigerlei andere wijze te verontreinigen; dieren te begraven; te gaan zitten anders dan op de daartoe aangebrachte zitplaatsen; iets te doen of na te laten dat in strijd is met de eerbied van de nagedachtenis van de overledene(n). 2.. Het is verboden op de begraafplaats: rij- of voertuigen, met uitzondering van invaliden-, kinder- en wandelwagens, mee te nemen, te rijden elders dan op de daartoe aangewezen rijwegen, anders dan ter gelegenheid van een begrafenis of tot het vervoeren van materialen bestemd voor op de begraafplaatsen te verrichten werkzaamheden; met motorrijtuigen sneller dan 10 km per uur te rijden. 3.. Het bestuursorgaan kan ontheffing verlenen van het verbod, bedoeld in het tweede lid, aanhef en sub a.

Rechtspraak bij dit artikel