**1.** Het is verboden een voertuig dat voor de recreatie dan wel
anderszins voor andere dan verkeersdoeleinden wordt gebruikt:a.
langer dan op drie achtereenvolgende dagen te plaatsen of te
hebben op een door het college aangewezen weg, waar dit naar
zijn oordeel buitensporig is met het oog op de verdeling van
beschikbare parkeerruimte of schadelijk is voor het uiterlijk
aanzien van de gemeente;b. op een door het college aangewezen
plaats te parkeren, waar dit naar zijn oordeel schadelijk is
voor het uiterlijk aanzien van de gemeente.
**2.** Het college kan ontheffing verlenen van het in het eerste lid,
aanhef en onder a, gestelde verbod.
**3.** Het in het eerste lid gestelde verbod geldt niet voorzover in
het daarin geregelde onderwerp wordt voorzien door het
Provinciaal wegenreglement of de Provinciale
landschapsverordening.
Hoofdstuk 5 › Afdeling 1
Artikel 5.6
Kampeermiddelen e.a.
Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening Urk 2008