Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 4

Artikel 4

Onderdeel van Verordening VROM starterslening 2008

1.. Burgemeester en wethouders zijn bevoegd om met inachtneming van het bepaalde in deze verordening een VROM Starterslening toe te kennen. 2.. Burgemeester en Wethouders stellen de hoogte van de Starterslening vast op basis van de als bijlage opgenomen Gemeentelijke Uitvoeringsregels VROM Starterslening. 3.. De maximale hoogte van de Starterslening bedraagt 20% van de verwervingskosten, met een maximum van € 34.000,00 voor de starterswoningen genoemd onder artikel 6, lid 1 onder A, en € 30.000,00 voor de tussenwoningen genoemd onder artikel 6 lid 1 onder B. 4.. De VROM Starterslening dient te worden verstrekt met Nationale Hypotheek Garantie (NHG). 5.. Burgemeester en wethouders kunnen bij hun beslissing op grond van het eerste en tweede lid rekening houden met financiële steun die op grond van enige andere regeling is of kan worden toegekend. 6.. Burgemeester en wethouders kunnen aan de toekenning van VROM Startersleningen nadere voorschriften verbinden. 7.. Burgemeester en wethouders zijn bevoegd de in het derde lid genoemde bedragen aan te passen. 8.. Burgemeesters en wethouders kennen voor de woningen genoemd onder artikel 6, lid 1 onder A en B, VROM-startersleningen toe, zolang het saldo op de  Gemeenterekening VROM Starterslening, genoemd in artikel 2, toereikend is.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel