Naar hoofdinhoud

Artikel 17

Toezicht en handhaving ten aanzien van ventvergunningen

Onderdeel van Vent- en standplaatsenbeleid gemeente Laren 2004

Binnen de gemeente Laren zijn naast de politie de buitengewoon opsporingsambtenaren (BOA's) belast met het signaleren van overtredingen van o.a. de Algemene Plaatselijke Verordening. Voornoemde ambtenaren hebben toezichthoudende en opsporende bevoegdheden. Klachten over venters worden bij de afdeling bestuursondersteuning geregistreerd. Naar aanleiding van een klacht wordt de venter in de gelegenheid gesteld zijn zienswijze naar voren te brengen. Wanneer de klacht gegrond is, geldt de volgende procedure. 1e klacht: uitreiking/toezending schriftelijke waarschuwing, waarin de vervolgprocedure uiteen wordt gezet; Voordat tot tijdelijke of definitieve intrekking van de vergunning wordt besloten, krijgt de vergunninghouder de gelegenheid zijn zienswijze naar voren te brengen. 2e klacht: tijdelijke intrekking vergunning voor zes dagen of voor het aantal dagen waarvoor de vergunning is verleend indien deze minder is dan zes dagen. Wanneer het om een eenmalige/tijdelijke vergunning gaat, wordt gedurende een periode van één jaar geen vergunning verleend; 3e klacht: de vergunning wordt ingetrokken. Wanneer het om een eenmalige/tijdelijke vergunning gaat dan wordt gedurende een periode van vijf jaar geen vergunning verleend. Het inbrengen van de zienswijze kan op grond van artikel 4:11 van de Algemene wet bestuursrecht achterwege worden gelaten voor zover de vereiste spoed zich daartegen verzet.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel