**1..** Burgemeester en wethouders kunnen op een daartoe strekkend verzoek een vergunning, dag- en/of weekvergunning verlenen voor het parkeren op belanghebbendenplaatsen of parkeerapparatuurplaatsen.
**2.a.** Een vergunning kan worden verleend aan de eigenaar of houder van een voertuig wanneer deze
woont in een gebied waar belanghebbendenplaatsen en/of mede door vergunninghouders te gebruiken parkeerschijfzoneplaatsen aanwezig zijn, dan wel
een beroep of bedrijf uitoefent in een gebied waar belanghebbendenplaatsen en/of mede door vergunninghouders te gebruiken parkeerschijfzoneplaatsen aanwezig zijn en aantoont dat het in het belang van diens beroeps- of bedrijfsuitoefening noodzakelijk is in dat gebied een voertuig te parkeren.
**2.b.** Een dag- en/of weekvergunning kan aan een ieder worden verleend.
**3..** De eigenaar of houder van een voertuig die voldoet aan beide in lid 2.a. gestelde voorwaarden wordt, voor wat betreft de eerste aangevraagde vergunning, geacht te beantwoorden aan de onder lid 2.a. sub a. genoemde voorwaarde.
**4..** Burgemeester en wethouders kunnen in bijzondere gevallen een vergunning ook verlenen aan eigenaren of houders van voertuigen die niet voldoen aan één van de in lid 2.a. genoemde voorwaarden.
**5..** Burgemeester en wethouders kunnen nadere eisen stellen, waaraan voldoen moet worden om voor een vergunning in aanmerking te komen. Alvorens hierover een besluit te nemen vragen zij het advies van de raadscommissie voor ruimtelijke ordening, volkshuisvesting en verkeer.
**6..** Aan de vergunning, dag- en/weekvergunning kunnen zowel beperkingen worden verbonden met betrekking tot de te gebruiken parkeerplaatsen als met betrekking tot de tijdstippen waarop de vergunning van kracht is.
**7..** Burgemeester en wethouders kunnen aan een vergunning, dag- en/of weekvergunning ook andere voorschriften en beperkingen verbinden. Deze voorschriften en beperkingen mogen alleen strekken tot bescherming van het belang van een goede verdeling van de beschikbare parkeerruimte.