1.In afwijking van artikel 9, eerste lid van de Invorderingswet 1990 moet de op grond van artikel 14, eerste lid, verschuldigde belasting worden betaald:
a.Bij betaling door middel van automatische incasso, moeten de aanslagen worden betaald in acht maandelijkse termijnen. De eerste termijn vervalt één maand na de dagtekening van het aanslagbiljet en elk van de volgende termijnen telkens één maand later.
a.b. Bij betaling op andere wijze dan middels automatische incasso moeten de aanslagen worden betaald in twee gelijke termijnen waarvan de eerste vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en de tweede twee maanden later.
2.In afwijking van artikel 9, eerste lid van de Invorderingswet 1990 moet de op grond van artikel 14, tweede lid, verschuldigde belasting worden betaald:
a.Bij betaling door middel van automatische incasso, moeten de aanslagen worden betaald in vier maandelijkse termijnen. De eerste termijn vervalt één maand na de dagtekening van het aanslagbiljet en elk van de volgende termijnen telkens één maand later.
a.b. Bij betaling op andere wijze dan middels automatische incasso moeten de aanslagen worden betaald in twee gelijke termijnen waarvan de eerste vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en de tweede één maand later.
3.In afwijking van artikel 9, eerste lid van de Invorderingswet 1990 moet de op de grond van artikel 14, tweede lid, hoofdstuk 3 van de tarieventabel verschuldigde belasting worden betaald:
a. ingeval van uitreiking van de kennisgeving: op het tijdstip van uitreiking;
b.ingeval van toezending van de kennisgeving: binnen 14 dagen na de dagtekening.
4.De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste lid gestelde termijnen
Hoofdstuk III
Artikel 17