Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3.

Artikel 3.3

Diverse verboden

Onderdeel van Verordening op de 14-daagse markt te Asten 1999

Het is de standplaatshouder verboden: na sluitingstijd van de markt op het marktterrein waren of goederen te verkopen of te koop aan te bieden; de opstal op zijn standplaats tijdens de markt af te breken of te verplaatsen; zijn goederen of waren vóór sluitingstijd van de markt in te pakken; vóór sluitingstijd van de markt met rij- en voertuigen het marktterrein op te rijden; de doorgang in de wandelgangen op en langs het marktterrein op enigerlei wijze te verhinderen of te belemmeren; zich behoudens ontheffing van burgemeester en wethouders aan de voorzijde van de standplaats op te houden bij het te koop aanbieden, verkopen of afleveren van goederen of waren; op de standplaats andere goederen of waren in voorraad te hebben, te verkopen of te koop aan te bieden, dan waarvoor hem de standplaats is toegewezen; zonder toestemming van burgemeester en wethouders een uitbouw voor of naast de kramen te hebben, of meer ruimte in te nemen dan hem is toegewezen; rij- en voertuigen, waarmee goederen of waren op de markt worden aangevoerd, achter de kramen of elders op het marktterrein aanwezig te hebben op een andere plaats dan die, welke door burgemeester en wethouders is aangegeven; op de markt afval aan te voeren. Onder afval wordt mede verstaan waren of goederen of partijen daarvan, die geheel of in belangrijke mate ongeschikt zijn om te verhandelen; onreine of ondeugdelijke goederen, waren of voorwerpen, ter beoordeling door de marktmeester, op de markt aan te voeren. Deze goederen, waren of voorwerpen dienen na aanwijzing door de marktmeester onmiddellijk te worden verwijderd.

Rechtspraak bij dit artikel