De burgemeester stelt een formulier vast voor het aanvragen van
een aanwezigheidsvergunning.
Indien een aanwezigheidsvergunning wordt aangevraagd voor een
inrichting als bedoeld in artikel 30c, eerste lid, onder b van
de wet, dient de ondernemer bij de aanvraag over te leggen het
bewijs van zijn in dat artikelonderdeel bedoelde inschrijving
bij het Bedrijfschap Horeca.
Indien de aanvraag niet is ingediend op het in het eerste lid
bedoelde formulier, dan wel indien dit formulier onjuist of
onvolledig is ingevuld, dan wel indien het in het tweede lid
bedoelde bewijs niet is overgelegd, stelt de Burgemeester de
ondernemer in de gelegenheid deze, binnen een termijn van twee
weken nadat hem dit is medegedeeld, aan te vullen, te verbeteren
of over te leggen.
Indien de ondernemer van de in het derde lid bedoelde
gelegenheid onvoldoende of geen gebruik maakt, verklaart de
Burgemeester hem in zijn aanvraag niet ontvankelijk. Van deze
beslissing doet de Burgemeester binnen twee weken na afloop van
de termijn genoemde in lid 3, mededeling aan de ondernemer,
onder terugzending van de ingediende bescheiden.