Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3 › Paragraaf 3.1

Artikel 3.1.2

Beschadiging van waterstaatswerken en oevers

Onderdeel van Havenverordening Den Helder

1.. Het is verboden schade toe te brengen aan of veranderingen aan te brengen in de toestand van de bij de gemeente in beheer zijnde vaarten, havens, wallen, kaden, trekpaden, beschoeiingen, bruggen, oeverbegroeiing, duikers, pompen, waterleidingen, gordingen, aanlegpalen, stootpalen, bakens of sluizen. 2.. Onder het aanbrengen van veranderingen als bedoeld in het eerste lid wordt tevens verstaan het maken of hebben van vlotten, steigers, (meer)palen, watertrappen of andere getimmerten. 3.. Het in het eerste lid bepaalde geldt niet voor zover artikel 350 Wetboek van Strafrecht van toepassing is.

Rechtspraak bij dit artikel