Burgemeester en wethouders kunnen een vervoersvoorziening verstrekken,
bestaande uit:
een gemaximeerde vergoeding voor het gebruik van het CVV
Leidse Regio, uit te betalen aan de exploitant van het
CVV Leidse Regio,
met daarbij een gemaximeerd bedrag dat voor vervoer als
genoemd onder artikel 3.1 tweede lid sub a en b en/of
voor het CVV Leidse Regio kan worden aangewend.
een gemaximeerd bedrag voor de meerkosten van het CVV
voor personen van 65 jaar en ouder. Deze extra
vergoeding bestaat uit het verschil tussen het basis
OV-tarief per zone bij gebruik van het CVV Leidse Regio
en het OV-tarief per zone dat geldt voor een persoon in
het bezit van een 65+ pas bij gebruik van het regulier
openbaar vervoer. Het verschil wordt vergoed over
maximaal het aantal zones dat is verreden met
gebruikmaking van de onder a bedoelde vergoeding.
een gemaximeerde vergoeding in de kosten van het gebruik
van:
een eigen auto of een taxi of vervoer door derden;
een rolstoeltaxi;
een bruikleenauto/buitenwagen met
verbrandingsmotor;
een ander verplaatsingsmiddel dan de in sub a, b of c.
genoemde.
een tegemoetkoming in de kosten van:
een invalidenparkeerkaart en/of -plaats;
aanpassing van de eigen auto;
aanschaf en/of aanpassing van een ander
verplaatsingsmiddel.
een al dan niet aangepaste voorziening in natura in de vorm
van:
een open elektrische buitenwagen/scootermobiel;
een gesloten buitenwagen;
een auto;
een ander verplaatsingsmiddel.
een combinatie van de onder of binnen 1, 2 3 en 4 vermelde
vervoers-voorzieningen.
Hoofdstuk 3
Artikel 3.1
Soorten vervoersvoorzieningen
Onderdeel van Verordening voorzieningen gehandicapten 2002