De instelling verzekert, voorzover zij goederen in eigendom heeft:
haar onroerende goederen tegen brand-, stormschade en inbraak op basis van herbouwwaarde;
haar roerende zaken tegen brand-, stormschade en inbraak;
zich tegen het risico van wettelijke aansprakelijkheid tegenover derden; voor de som van € 1.000.000,- per gebeurtenis per geval, waaronder ook de aansprakelijkheid van de bij de instelling werkzame vrijwilligers
Het college kan de instelling verplichten zich ook tegen andere risico’s te verzekeren, welke naar het oordeel van het college, gelet op de aard van de activiteiten, moeten worden gedekt.
De instelling legt een kopie over van de verzekeringspolis.
Hoofdstuk 3
Artikel 10