In deze beleidsregels wordt verstaan onder:
Wbb: Wet bodembescherming;
Bevoegd gezag: college van burgemeester en wethouders van ‘s-Hertogenbosch;
Veroorzaker: degene door wiens feitelijke handelingen de verontreiniging is veroorzaakt, en voorts degene door wiens handelingen een bepaald gevaar in het leven is geroepen of degene die nalatig is geweest bepaalde voorzorgsmaatregelen te treffen die - indien wel getroffen – de verontreiniging zou hebben voorkomen of verminderd;
Geval van verontreiniging: een geval van verontreiniging als bedoeld in artikel 1, eerste lid Wbb;
Bevel NO: een bevel tot het verrichten van nader bodemonderzoek als bedoeld in artikel 43, eerste lid onder a en artikel 43, derde lid Wbb;
Bevel TBM: een bevel tot het treffen van tijdelijke beveiligingsmaatregelen als bedoeld in artikel 43, eerste lid onder b Wbb;
Bevel SO: een bevel tot het verrichten van saneringsonderzoek als bedoeld 43, derde lid Wbb;
Saneringsbevel: een bevel tot het saneren van de bodem als bedoeld in artikel 43, derde lid Wbb.
Bevel beheermaatregelen: een bevel om maatregelen in het belang van de bescherming van de bodem te nemen als bedoeld in artikel 43, derde lid en artikel 37, vierde lid Wbb;
Bedrijfsterrein: een perceel als omschreven in artikel 55a Wbb.
Hoofdstuk 1
Artikel 1
Begripsbepalingen
Onderdeel van Bevelsbeleid Wet bodembescherming 's-Hertogenbosch 2009