Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5

Artikel 15

Artikel 15

Onderdeel van Bevelsbeleid Wet bodembescherming 's-Hertogenbosch 2009

Bepalend voor de wetenschap van de verontreiniging is het moment van overdracht die leidt tot de eigendomsverkrijging dan wel het moment van vestiging van het erfpachtrecht. De eigenaar, die op het moment van koop niet wist of kon weten dat het terrein was verontreinigd, maar bij overdracht wél is schuldig. Hetzelfde geldt voor de erfpachter ten tijde van de vestiging van het erfpachtrecht. Een uitzondering geldt voor het geval waarbij uit de omstandigheden van het geval blijkt dat na koop aan overdracht niet meer viel te ontkomen. Bijvoorbeeld omdat de verkoper in rechte met succes medewerking aan het transport heeft kunnen afdwingen. In die gevallen kan worden uitgegaan van de wetenschap op het moment van aankoop. Voorts geldt een uitzondering voor de verkrijger die op een bepaald moment een aanmerkelijk financieel belang heeft gekregen in de onderneming, die eigenaar of erfpachter is van het terrein. In dat geval is de wetenschap ten tijde van de verkrijging van dat belang bepalend. Met betrekking tot de momenten van verkrijging kan worden opgemerkt: De keuze van de jaartallen is niet willekeurig geschied. Het jaartal 1975 komt zoals reeds vermeld uit de jurisprudentie met betrekking tot de kostenverhaalsbevoegdheid van de minister en de landelijke notitie inzake afstemming bevel/kostenverhaal. Degene die voor 1 januari 1975 bodemverontreiniging heeft veroorzaakt, heeft daarmee niet onrechtmatig gehandeld jegens de Staat. Het is daarom ook niet redelijk aan te nemen dat wie voor die datum een verontreinigd terrein heeft verkregen, erop bedacht had moeten zijn dat het terrein was verontreinigd. Vanaf 1975 werd overgegaan tot het uitvoeren van bodemonderzoeken. Wetenschap kan blijken uit: koper is zelf veroorzaker, verontreiniging staat vermeld in transportakte, veel publiciteit in media, getuigenverklaringen, er is een zeer lage prijs voor het terrein betaald etcetera. In 1983 is de Interimwet bodemsanering (IBS) in werking getreden inclusief een regeling van ongerechtvaardigde verrijking. Op 1 januari 1987 is de zorgplichtbepaling in de Wbb in werking getreden. Daarnaast is in 1987 voor de bouw van woningen in de sociale huursector als subsidievoorwaarde gesteld dat voorafgaand aan de bouw, bodemonderzoek moest worden verricht. Voor professionele kopers wordt aangenomen dat in ieder geval vanaf die tijd, bij verwerving van een terrein, bodemonderzoek werd verricht. In 1990 werd het ontwerp voor inbouw van de saneringsregeling in de Wbb, zoals in januari 1995 in werking is getreden, ingediend. Per 1 maart 1993 is het Besluit opslaan in ondergrondse tanks (BOOT) in werking getreden. Reeds voor die tijd hadden gemeenten al een zogenaamde “actie tankslag” uitgevoerd, waardoor onder meer bekend werd welke risico’s (kunnen) kleven aan ondergrondse (HBO-)tanks. In situaties waarin van professionele verkrijgers mag worden verondersteld dat zij bijzondere kennis hebben omtrent de risico’s van de aanwezigheid van asbest in de bodem voor mens en dier, kan vóór 1 juli 1993 wetenschap worden aangenomen. Voor asbest geldt vanaf 1 juli 1993 een totaalverbod op het be- en verwerken dat is vastgelegd in het Asbestverwijderingsbesluit. In 2000 is asbest als niet-genormeerde stof opgenomen in de Circulaire streef- en interventiewaarden bodemsanering. Gezien de actualiteit en publiciteit mogen de gevaren en risico’s van bodem- en asbestverontreiniging vanaf deze momenten algemeen bekend worden geacht. Een uitgevoerd bodemonderzoek moet worden beoordeeld naar de normen van die tijd. Indien uit het destijds verrichte bodemonderzoek werd geconcludeerd dat geen sprake was van bodemverontreiniging, wordt ervan uitgegaan dat de koper "onschuldig" was, voor zover dat onderzoek een naar de normen van die tijd gangbaar onderzoek was. Bij de bepaling van de vraag of sprake is van een professionele koper kunnen de volgende criteria/omstandigheden van belang zijn: gaat het om een koper die een beroep of bedrijf uitoefent; is de koper een particulier of consument; beschikt de koper over een bepaalde mate van deskundigheid, vakkennis of bekendheid met de gebruiken in de branche; houdt de koper zich overwegend bezig met één activiteit. De handelaar in onroerend goed zal bijvoorbeeld sneller als professionele (ver)koper zijn aan te merken dan een particulier of een bedrijf die/dat ten behoeve van bedrijfsuitbreiding incidenteel een stuk grond koopt; ontplooit de koper de activiteit met een bepaalde frequentie en heeft derhalve ervaring daarin; afficheert de koper zich als professionele koper naar buiten; is de koper voorzien van deskundige bijstand. De niet-professionele koper wordt als professioneel beschouwd als hij is voorzien van deskundige bijstand; is de koper een overheidsorgaan. Overheidsorganen zijn naar hun aard als professioneel te beschouwen; Voorts zijn van belang het soort terrein dat is verkregen (weiland, industrieterrein, bouwrijpe grond etc.) en de kennis die de verkoper had van de bodemverontreiniging en de mededelingen die hij daarover heeft gedaan/had moeten doen aan de koper. De keuze van de jaartallen is niet willekeurig geschied. Het jaartal 1975 komt zoals reeds vermeld uit de jurisprudentie met betrekking tot de kostenverhaalsbevoegdheid van de minister en de landelijke notitie inzake afstemming bevel/kostenverhaal. Degene die voor 1 januari 1975 bodemverontreiniging heeft veroorzaakt, heeft daarmee niet onrechtmatig gehandeld jegens de Staat. Het is daarom ook niet redelijk aan te nemen dat wie voor die datum een verontreinigd terrein heeft verkregen, erop bedacht had moeten zijn dat het terrein was verontreinigd. Vanaf 1975 werd overgegaan tot het uitvoeren van bodemonderzoeken. De eerste gegevens over de bodemgesteldheid werden toen bekend. In 1983 is de Interimwet bodemsanering (IBS) ingevoerd. In 1987 volgde de invoering van de Wbb met de zorgplichtbepaling (artikel 13 Wbb). Tevens is in 1987 voor de bouw van woningen in de sociale huursector als subsidievoorwaarde gesteld dat voorafgaand aan de bouw bodemonderzoek moest worden verricht. Per 1maart 1993 is het Besluit opslaan in ondergrondse tanks (BOOT) in werking getreden. Reeds voor die tijd hadden gemeenten al een zogenaamde “actie tankslag” uitgevoerd, waardoor onder meer bekend werd welke risico’s (kunnen) kleven aan ondergrondse (HBO-)tanks.

Rechtspraak bij dit artikel