Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 1

Artikel 1

Begripsbepalingen

Onderdeel van Monumentenverordening Zundert 2010

Deze verordening verstaat onder: monument: onroerende zaak, die van algemeen belang is vanwege haar schoonheid, betekenis voor de wetenschap en/of cultuurhistorische waarde. terrein, dat van algemeen belang is vanwege een aanwezige zaak, bijvoorbeeld archeologische waarden, als bedoeld onder 1. beschermd monument: beschermd monument als bedoeld in artikel 1.1, eerste lid, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht; gemeentelijk monument: onroerend monument dat overeenkomstig de bepalingen van deze verordening als beschermd gemeentelijk monument is aangewezen en is geregistreerd als bedoeld in artikel 6 van deze verordening. gemeentelijke monumentenlijst: de lijst waarop zijn geregistreerd de overeenkomstig deze verordening als beschermd gemeentelijk monument aangewezen onroerende zaken en terreinen. rijks beschermd stads- of dorpsgezicht: van rijkswege ingevolge artikel 35 van de Monumentenwet 1988 aangewezen beschermd stads- of dorpsgezicht. gemeentelijk beschermd dorpsgezicht: groep van onroerende zaken, die van algemeen belang zijn wegens hun schoonheid, hun onderlinge ruimtelijke- of structurele samenhang dan wel hun wetenschappelijke- en/of cultuurhistorische waarde en die overeenkomstig de bepalingen van deze verordening als beschermd gemeentelijk dorpsgezicht is aangewezen en geregistreerd. gemeentelijke lijst beschermde dorpsgezichten: de lijst waarop zijn vermeld de overeenkomstig deze verordening geregistreerde beschermde gemeentelijke dorpsgezichten. archeologisch monument: monument zoals bedoeld in lid a, onder 2. gemeentelijk beschermd archeologisch monument: een gebied dat overeenkomstig de bepalingen van deze verordening is aangewezen en geregistreerd als gemeentelijk monument. archeologische meldingsgebieden: zaken en terreinen waarvan het algemeen belang wegens hun betekenis voor de archeologische monumentenzorg vaststaat of vermoed wordt op basis van historische gegevens en/of door archeologische vondsten en onderzoek. gemeentelijke archeologische gebiedenkaart: kaart waarop de overeenkomstig deze verordening aangewezen gemeentelijke archeologische meldingsgebieden zijn geregistreerd; beschermd beeldbepalend object: aan de openbare weg gelegen (deel van een) onroerend beeldbepalende zaak, die qua schoonheid van algemeen belang is vanwege het stedenbouwkundig-, architectonisch- en/of landschappelijk beeld, maar niet overeenkomstig artikel 1 lid c van deze verordening als een beschermd gemeentelijk monument is geregistreerd. gemeentelijke lijst beeldbepalende objecten: de lijst waarop de overeenkomstig deze verordening als aangewezen beschermde gemeentelijke objecten zijn geregistreerd als bedoeld in artikel 30. kerkelijk monument onroerend zaak, die eigendom is van een parochie, een kerkgenootschap, een kerkelijke gemeente, of van een kerkelijke instelling en dat uitsluitend of voor een overwegend deel wordt gebruikt voor de uitoefening van de eredienst. monumentencommissie: de door het college van B & W ingestelde commissie of aangewezen instantie, die als taak heeft burgemeester en wethouders op verzoek of uit eigen beweging te adviseren over de toepassing van de Monumentenwet 1988, de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht over de werking van de gemeentelijke monumentenverordening en over het gemeentelijk monumentenbeleid. bouwhistorisch onderzoek: onderzoek, in een schriftelijke rapportage vastgelegd, naar de bouwgeschiedenis en de bouwhistorische kwaliteit van een monument. bevoegd gezag: bestuursorgaan als bedoeld in artikel 1.1 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht vergunning: een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, of 2.2. van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel