Het is verboden op de begraafplaats:
zich op hinderlijke wijze te gedragen;
te colporteren of goederen voor verkoop aan te bieden;
op enige wijze reclame te maken voor handel of bedrijf;
op de graven te lopen of de begraafplaats te
verontreinigen;
de graven, de gedenktekens, de beplanting, de gebouwen en de
paden te bekladden, te beschadigen of op enigerlei andere
wijze te verontreinigen;
dieren mee te nemen, met uitzondering van een hond ter
begeleiding van een blinde;
dieren te begraven;
te gaan zitten anders dan op de daartoe aangebrachte
zitplaatsen;
zich toegang tot de begraafplaats te verschaffen anders dan
op de daarvoor bestemde ingangen;
iets te doen of na te laten dat in strijd is met de eerbied
van de nagedachtenis van
de overledene;
werkzaamheden aan grafbedekkingen door derden te laten verrichten,
behoudens artikel 21, lid 1.
Het is verboden op de begraafplaats:
rij- of voertuigen, met uitzondering van invaliden-, kinder- en
wandelwagens, mee te nemen, anders dan op de daartoe aangewezen
rijwegen, anders dan ter gelegenheid van een begrafenis of tot het
vervoeren van materialen bestemd voor op de begraafplaats te
verrichten werkzaamheden;
met motorrijtuigen sneller dan 10 km per uur te rijden.
De beheerder kan ontheffing verlenen van de verboden,
bedoeld in dit artikel.
Artikel 7
Verboden
Onderdeel van Verordening voor het beheer en gebruik van gemeentelijke begraafplaatsen Oss 2007