**1.** Het college informeert de raad door middel van tussentijdse rapportages over de voortgang van het beleid en over de realisatie van de begroting van de gemeente over de eerste drie maanden en de eerste acht maanden van het lopende boekjaar en zoveel vaker wanneer daar aanleiding voor is.
**2.** Voor de opleverdata van de tussentijdse rapportages aan de raad geldt:◦de driemaands rapportage voor 1 juni van het lopende begrotingsjaar;◦de achtmaands rapportage voor 1 november van het lopende begrotingsjaar;
**3.** De inrichting van de tussentijdse rapportages sluit aan bij de programma-indeling van de begroting.
**4.** De rapportages gaan in op afwijkingen, zowel wat betreft de lasten (input), de geleverde goederen en diensten (output) en indien daar aanleiding voor is de maatschappelijke effecten (outcome). In de rapportages wordt in ieder geval aandacht besteed aan afwijkingen van:
◦inkomsten uit de algemene uitkering;
◦investeringskredieten;
◦resultaten uit grondexploitatie;
◦incidenteel besteedbare financiële ruimte;
◦lasten en baten die een bedrag te boven gaan van € 25.000,00.
**5.** Het college mag niet geraamde incidentele verplichtingen aangaan zonder toestemming vooraf van de raad voor een bedrag van € 10.000,00 per keer tot een maximum van € 50.000,00 op jaarbasis. Het college meldt de aangegane incidentele verplichting in de eerstvolgende commissie-/raadsvergadering.
Hoofdstuk 1 › Paragraaf 3
Artikel 7