Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk VI

Artikel 27.

Ruiming, bezorging van overblijfselen en as

Onderdeel van Beheersverordening begraafplaatsen Midden-Drenthe 2005

1.. Het voornemen van burgemeester en wethouders om een graf te ruimen wordt gedurende ten minste een jaar voorafgaande aan het tijdstip waarop het graf geruimd zal worden bekend gemaakt. Als er geen adres van de rechthebbende bekend is gebeurt dit door een mededeling op het mededelingenbord op de begraafplaats. Bij het graf wordt een verwijzing naar de mededeling geplaatst. Als er wel een adres van de rechthebbende bekend is, delen burgemeester en wethouders per brief mee wanneer de termijn van uitgifte gaat verstrijken. Als de rechthebbende geen verzoek indient om de termijn te verlengen, maken zij uiterlijk 1 jaar voor het tijdstip van ruiming per brief het voornemen tot ruiming bekend. 2.. De bij de ruiming van het graf nog aanwezige overblijfselen van lijken worden begraven en as wordt verstrooid op een daartoe bestemd, afgesloten gedeelte van de begraafplaats. 3.. Nabestaanden van een overledene die begraven is in een algemeen graf kunnen gedurende de in het eerste lid bedoelde termijn bij de beheerder een aanvraag indienen om bij ruiming de overblijfselen, indien mogelijk, bijeen te doen brengen voor herbegraving elders. Nabestaanden van een overledene waarvan een asbus al of niet met een urn is bijgezet in een algemeen graf kunnen bij de beheerder een aanvraag indienen om deze ter beschikking te houden voor herbegraving of verstrooiing elders. 4.. De rechthebbende op een eigen graf, kan bij de beheerder een aanvraag indienen om de overblijfselen te doen verzamelen om deze weer in dezelfde grafruimte te doen plaatsen dan wel om deze elders opnieuw te doen begraven. De rechthebbende op een eigen urnengraf of urnennis kan bij de beheerder een aanvraag indienen de asbus en eventuele urn ter beschikking te houden om elders bij te zetten of om de as te doen verstrooien.

Rechtspraak bij dit artikel