**1..** Het horen geschiedt door de commissie, tenzij toepassing is gegeven aan artikel 7:13, derde lid van de wet.
**2..** De voorzitter bericht de indiener, de belanghebbenden en het bestuursorgaan schriftelijk - uiterlijk twee weken voorafgaand aan de zitting - dat zij in de gelegenheid worden gesteld tijdens de hoorzitting hun zienswijze naar voren te brengen.
**3..** De voorzitter kan, in bijzondere gevallen, op verzoek van een belanghebbende of het bestuursorgaan en na overleg met de indiener, een andere dag en/of een andere aanvangstijd bepalen.