**1..** De bestuurlijke boete bedraagt ten hoogste 10% van de bijstandsnorm voor alleenstaanden inclusief maximale gemeentelijke toeslagen in het kader van de WWB, indien de inburgeringsplichtige of de persoon ten aanzien van wie het college op redelijke gronden kan vermoeden dat deze inburgeringsplichtig is, geen of onvoldoende medewerking verleent aan het onderzoek, bedoeld in artikel 25, vierde lid van de wet.
**2..** De bestuurlijke boete bedraagt ten hoogste 20% van de bijstandsnorm voor alleenstaanden inclusief maximale gemeentelijke toeslagen in het kader van de WWB, indien de inburgeringsplichtige geen of onvoldoende medewerking verleent aan de uitvoering van de hem toegekende inburgeringsvoorziening of taalkennisvoorziening, bedoeld in artikel 23, eerste lid van de wet of aan de verplichtingen, zoals bedoeld in artikel 8 van deze verordening.
**3..** De bestuurlijke boete bedraagt ten hoogste 50% van de bijstandsnorm voor alleenstaanden inclusief maximale gemeentelijke toeslagen in het kader van de WWB, indien de belanghebbende niet binnen de in artikel 7, eerste lid van de wet bedoelde termijn, waarvoor aan het examen moet zijn deelgenomen, of de door het college op grond van artikel 31, tweede lid, onderdeel a van de wet verlengde termijn, het inburgeringsexamen heeft behaald.
**4..** Het college stelt nadere regels met betrekking tot het vaststellen van de hoogte van de boete op grond van de ernst van de overtreding in relatie tot de individuele omstandigheden van de overtreder.
Hoofdstuk 3.
Artikel 10
De hoogte van de bestuurlijke boetes voor de verschillende overtredingen
Onderdeel van Verordening Wet inburgering Zoeterwoude 2011