Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4.

Artikel 14.

Verstrekken van onjuiste of onvolledige inlichtingen met gevolgen voor de uitkering

Onderdeel van Maatregelenverordening IOAW/IOAZ

1.. Indien het niet of niet behoorlijk nakomen van de inlichtingenplicht bedoeld in artikel 13 van de IOAW/IOAZ heeft geleid tot het ten onrechte of tot een te hoog bedrag verlenen van een uitkering, wordt de maatregel afgestemd op de hoogte van het benadelingsbedrag. 2.. Onverminderd artikel 2, derde lid, wordt de maatregel op de volgende wijze vastgesteld: bij een benadelingsbedrag tot € 1000,-: 10% van de uitkeringsnorm gedurende een maand; bij een benadelingsbedrag van € 1000,- tot € 2000,-: 20% van de uitkeringsnorm gedurende een maand; bij een benadelingsbedrag van € 2000,- tot € 4000,-: 40% van de uitkeringsnorm gedurende een maand; bij een benadelingsbedrag van € 4000,- of meer: 100% van de uitkeringsnorm gedurende een maand. 3.. In afwijking van het tweede lid kan de duur van de maatregel worden verdubbeld, als de belanghebbende zich binnen twaalf maanden na bekendmaking van een besluit waarbij een maatregel wordt opgelegd opnieuw schuldig maakt aan dezelfde als verwijtbare aan te merken gedraging. Met een besluit waarmee een maatregel is opgelegd wordt gelijkgesteld het besluit om daarvan af te zien op grond van dringende redenen als bedoeld in artikel 6 eerste lid sub c van deze verordening. 4.. Van een maatregel wordt afgezien: zodra ter zake van de gedraging strafvervolging is ingesteld en het onderzoek ter terechtzitting een aanvang heeft genomen; zodra het recht tot strafvervolging is vervallen, doordat het Openbaar Ministerie een schikking met belanghebbende heeft getroffen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel