**1.** Het is de zakelijk gerechtigde tot of de gebruiker van een oever verboden toe te laten of te gedogen dat aan die oever handelingen worden verricht die bij dit hoofdstuk zijn verboden.
**2.** Het verbod is niet van kracht als voor de handeling vrijstelling of ontheffing is verleend of als de zakelijk gerechtigde of gebruiker het verrichten van de handeling onverwijld aan Gedeputeerde Staten meedeelt.
Hoofdstuk › Paragraaf
Artikel 24