Naar hoofdinhoud
1. De zakelijk gerechtigde van de grond, dan wel degene die uit anderen hoofde tot het treffen van voorzieningen bevoegd is, waarop zonder voorafgaande melding als bedoeld in het vorige artikel handelingen zijn uitgevoerd die in strijd zijn met de verboden in artikel 26 en het beschermde kleine landschapselement hierdoor is ontsierd, beschadigd, geveld of op ander wijze te niet is gegaan, is verplicht binnen een jaar voor 1 april het beschermde kleine landschapselementen op dezelfde locatie in de oorspronkelijke staat te herstellen en/of te herbeplanten. 2. Niet aangeslagen herstelmaatregelen of herbeplantingen dienen binnen een jaar voor 1 april te worden hersteld of vervangen, onverlet artikel 26, tweede lid.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel