**1.** De belasting bedoeld in artikel 9, eerste lid moet worden betaald binnen twee maanden na dag-tekening van het aanslagbiljet.
**2.** In afwijking van het eerste lid geldt, in geval het totaalbedrag van de op één aanslagbiljet vere-nigde aanslagen, of als het aanslagbiljet maar één aanslag bevat het bedrag daarvan, meer is dan € 50,00 doch minder dan € 5.000,00 en zolang de verschuldigde bedragen door middel van automatische betalingsincasso kunnen worden afgeschreven, dat de aanslagen moeten worden betaald in zoveel gelijke termijnen als er na de maand van dagtekening nog maanden in het ka-lenderjaar waarin de aanslagen worden opgelegd overblijven, met dien verstande, dat het aantal termijnen tenminste vijf en ten hoogste negen bedraagt. De eerste termijn vervalt één maand na de dagtekening van het aanslagbiljet en elk van de volgende termijnen telkens een maand later.
**3.** De belasting genoemd in artikel 9, tweede lid moet worden betaald:
a. ingeval van uitreiking van de kennisgeving op het tijdstip van uitreiking;
b. ingeval van toezending van de kennisgeving, binnen 8 dagen na de dagtekening.
**4.** De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande leden gestelde ter-mijnen.
Artikel 10
Termijn van betaling
Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van precariobelasting 2011