Inhoud programma
1 De aangevraagde voorzieningen waarmee in het jaar volgend op het
jaar van vaststelling van het programma een aanvang kan worden
gemaakt, komen, voor zover het college heeft vastgesteld dat geen
van de in de Wet op het primair onderwijs, Wet op de expertisecentra
en Wet op het voortgezet onderwijsopgenomen
weigeringsgronden van toepassing is, in aanmerking voor plaatsing op
het programma. Daarbij past het college de regels toe met betrekking
tot:
a de beoordelingscriteria als bedoeld in bijlage I;
b de prognosecriteria als bedoeld in bijlage II;
c de oppervlakte en indeling van schoolgebouwen als bedoeld in
bijlage III.
Van de voor plaatsing op het programma in aanmerking komende
voorzieningen neemt het college, aan de hand van de urgentiecriteria
als bedoeld in bijlage V, uitsluitend voorzieningen op in het
programma voor zover het bedrag of de deelbedragen als bedoeld in
artikel 12, eerste lid, toereikend zijn.
2 Op voorstel van het overleg als bedoeld in artikel 11, kan het
college de raad verzoeken bij de vaststelling van het programma
afwijken van de urgentiecriteria als bedoeld in bijlage V.
3 Ten aanzien van de in het programma opgenomen voorzieningen wordt,
voor zover van toepassing, door het college aangegeven:
a het genormeerde bedrag dat ingevolge bijlage IV, deel A voor de
betreffende voorziening beschikbaar wordt gesteld;
b het geraamde bedrag gemoeid met de uitvoering van de voorziening
als bedoeld in artikel 5, derde lid, laatste volzin;
c de voorwaarden betreffende ingebruikneming of
buitengebruikstelling van gebouwen of lokalen.
HOOFDSTUK 2 › Paragraaf 2.3
Artikel 13
Artikel 13
Onderdeel van Verordening voorzieningen huisvesting onderwijs gemeente De Bilt 2011