Voor het in behandeling nemen van een aangifte van een briefadres op grond van artikel 49 Wet gba moeten de volgende stukken overgelegd worden:
een schriftelijke verklaring van de adresgever dat erin wordt toegestemd dat de aanvrager daar een briefadres mag realiseren;
kopie legitimatie adresgever;
een schriftelijke motivering van de aanvrager, waarom hij een briefadres wil;
kopie legitimatiebewijs van de aanvrager;
de volledig ingevulde vragenlijsten van zowel de aanvrager als de adresgever
Voor het in behandeling nemen van een aangifte van een briefadres op grond van artikel 67 Wet gba is het overleggen van een vragenlijst niet noodzakelijk.