Het is de vrijwilliger verboden:
de dienstkleding en uitrustingsstukken te dragen wanneer hij
geen werkzaamheden als vrijwilliger verricht, behalve in de
gevallen waarin het college daarvoor toestemming heeft verleend;
de dienstkleding en uitrustingsstukken aan derden in bruikleen
te geven;
dienstkleding te dragen voorzien van:
andere rangonderscheidingstekenen dan die verbonden aan
de rang, behorende bij de functie die de vrijwilliger
bekleedt;
insignes en andere onderscheidingstekenen, tenzij tot
het dragen daarvan door de staat of door het college
toestemming is verleend.