**1.** De ambtenaar informeert het college schriftelijk over de instelling
waarbij de levenslooprekening of de levensloopverzekering wordt
aangehouden.
**2.** De ambtenaar verklaart schriftelijk aan het college of hij een
levenslooptegoed heeft opgebouwd bij een of meer gewezen
inhoudingsplichtigen tenzij een andere werkgever bij wie de
ambtenaar in dienstbetrekking staat geacht wordt inhoudingsplichtig
te zijn ten aanzien van dit levenslooptegoed.
**3.** De ambtenaar stemt er schriftelijk mee in dat de instelling aan het
college informatie verstrekt over de omvang van het levenslooptegoed
van de ambtenaar tenzij dit levenslooptegoed geacht wordt te zijn
opgebouwd bij een andere inhoudingsplichtige bij wie de ambtenaar in
dienstbetrekking staat.
**4.** De ambtenaar verklaart schriftelijk aan het college dat hij
gedurende zijn deelname aan de gemeentelijke levensloopregeling niet
deelneemt aan een spaarloonregeling als bedoeld in artikel 32 Wet op
de loonbelasting 1964.