**1.** Het algemeen bestuur benoemt uit een door het dagelijks bestuur opgemaakte voordracht een directeur, een waarnemend directeur en een administrateur.
**2.** Het algemeen bestuur kan de directeur, de waarnemend directeur en de administrateur schorsen en ontslaan.
**3.** Het dagelijks bestuur kan in spoedeisende gevallen tot schorsing overgaan. Het doet daarvan terstond mededeling aan het algemeen bestuur. Deze schorsing vervalt wanneer het algemeen bestuur haar niet in zijn eerstvolgende vergadering bekrachtigt.
**4.** De taken, bevoegdheden en verplichtingen van de directeur worden geregeld in een directiestatuut dat door het algemeen bestuur wordt vastgesteld.
**5.** De directeur mag geen handelingen verrichten als bedoeld in artikel 20, eerste lid van de Wet gemeenschappelijke regelingen.
**6.** De directeur en de administrateur wonen de vergaderingen bij van het algemeen en het dagelijks bestuur. Zij hebben in de vergaderingen een adviserende stem.
**7.** De administrateur is voor de financiële administratie verantwoording verschuldigd aan het dagelijks bestuur.
**8.** Het algemeen bestuur stelt een instructie vast voor de administrateur.
Hoofdstuk 3
Artikel 15
Directeur en administrateur
Onderdeel van Gemeenschappelijke regeling Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst Zeeland