Naar hoofdinhoud
1.. Elk raadslid heeft recht op ambtelijke bijstand. 2.. Een raadslid wendt zich tot de griffier of een ambtenaar met een verzoek om: feitelijke informatie van geringe omvang; inzage in of afschrift van documenten die openbaar zijn; 3.. Indien de ambtenaar twijfelt of het verzoek betrekking heeft op informatie bedoeld onder het tweede lid, onderdeel a of b, stelt hij de secretaris daarvan in kennis. De secretaris beslist. 4.. Een raadslid wendt zich tot de griffier met een verzoek om bijstand bij het opstellen van voorstellen, amendementen en moties of andere bijstand. 5.. De bijstand, bedoeld in het vierde lid, wordt verleend door de griffier of een medewerker van de griffie. Indien de gevraagde bijstand niet door de griffier of een medewerker van de griffie kan worden verleend kan de griffier de secretaris verzoeken, één of meer ambtenaren aan te wijzen, die de gevraagde bijstand zo spoedig mogelijk verlenen.

Rechtspraak bij dit artikel