**1..** Aan de functionaris wiens bezoldiging, als gevolg van het buiten zijn toedoen beeindigen of verminderen van de toelage als bedoeld in artikel1, behoudens het bepaalde in artikel 6, een blijvende verlaging ondergaat, wordt een aflopende toelage toegekend mits hij direct voorafgaande aan het tijdstip van beëindiging of vermindering ervan, deze toelage gedurende tenminste twee jaren zonder wezenlijke onderbreking heeft genoten.
**2..** De aflopende toelage wordt als volgt berekend:een percentage van het verschil tussen:
enerzijds het salaris, verhoogd met het gemiddelde van de in artikel 1 bedoelde toelage van de afgelopen twaalf maanden;
anders het salaris, verhoogd met de eventueel nog te genieten gemiddelde toelage als bedoeld in artikel 1 over een periode van drie maanden, na de in het eerste lid bedoelde beëindiging of vermindering.
**3..** De toelage bedraagt gedurende het eerste jaar 75%, gedurende het tweede jaar 50% en gedurende het derde jaar 25% van het in het tweede lid bedoelde verschil.
**4..** Indien de uitkomst van het in het tweede lid bedoelde verschil minder bedraagt dan 3% van het in het tweede lid onder a. genoemde, blijft dit artikel buiten toepassing.
**5..** In afwijking van het bepaalde in het eerste lid, wordt aan de functionaris van 55 jaar of ouder, wiens bezoldiging, als gevolg van het buiten zijn toedoen beëindigen of verminderen van een toelage als bedoeld in artikel 1, een blijvende verlaging ondergaat, een blijvende toelage toegekend, mits hij eerstgenoemde toelage, direct voorafgaande aan het tijdstip van vorenbedoelde beëindiging of vermindering ervan, gedurende tenminste tien jaren zonder wezenlijke onderbreking heeft genoten.
**6..** De in het eerste lid aflopende toelage gaat, wanneer de functionaris de leeftijd van 55 jaar bereikt en hij, onmiddellijk voor de aanvang van die toelage gedurende tenminste tien jaren zonder wezenlijke onderbreking een toelage als bedoeld in artikel 1 heeft genoten, over in een blijvende toelage als bedoeld in het vorige lid.
**7..** Voor de toepassing van de vorige leden wordt onder wezenlijke onderbreking verstaan, een onderbreking van langer dan twee maanden.