Het besluit tot het vaststellen van de inburgeringsvoorziening of
taalkennisvoorziening bevat in ieder geval:
een beschrijving van de inburgeringsvoorziening of
taalkennisvoorziening;
een opgave van de rechten en verplichtingen van de
inburgeringsplichtige;
de datum waarop het inburgeringsexamen of staatsexamen
Nederlands als tweede taal I of II moet zijn
behaald;
de termijnen en wijze van betaling; en
ingeval van een oudkomer: de datum waarop de termijn
van handhaving van de inburgeringsplicht, bedoeld in
artikel 26 van de wet, aanvangt.
De overeenkomst met de vrijwillige inburgeraar bevat in ieder
geval:
het gestelde in de onderdelen a, b en c van het
voorgaande lid;
de gevolgen van het niet-nakomen van de
overeenkomst.
Hoofdstuk 3
Artikel 8
De inhoud van de beschikking en de overeenkomst
Onderdeel van Verordening Wet inburgering 2010