In deze verordening wordt verstaan onder:
ASA 2004: Algemene Subsidieverordening van de gemeente Amsterdam 2004;
College: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam;
CCR: Centrale Commissie voor de Rijnvaart;
CCR2-norm: een motor van een rondvaartboot met een uitstoot van maximaal NOx 6.0 g/kWh en PM10 0.3 g/kWh, zoals vastgesteld door de CCR;
Fase IIIB-norm: de norm die door de Europese richtlijn voor emissies van binnenvaartschepen wordt vastgesteld en opgelegd aan de fabrikanten van motoren;
Fase IV-norm: de norm die door de Europese richtlijn voor emissies van binnenvaartschepen als Fase IV-norm wordt vastgesteld en opgelegd aan de fabrikanten van motoren;
de-minimisverklaring: de verklaring van de aanvrager dat de aanvrager in de afgelopen drie belastingjaren minder dan € 200.000 aan subsidies of andere voordelen van overheden heeft ontvangen, zoals bepaald in de Verordening (EG) 1998/2006, L379/5, betreffende de-minimissteun,
elektrische motor: een motor bedoeld voor het aandrijven van de rondvaartboot die volledig elektrisch voor de gebruikelijke bedrijfsvoering gebruikt kan worden;
groepsvrijstellingsverordening: verordening nr. 800/2008 van de Commissie van 6 augustus 2008 waarbij bepaalde categorieën steun op grond van de artikelen 107, 108 en 109 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie verenigbaar worden verklaard (PBEU L 214/3);
grote onderneming: een onderneming die geen kleine of middelgrote onderneming is;
kleine onderneming: een onderneming met minder dan 50 werknemers, een jaaromzet en/of een jaarlijks balanstotaal van minder dan € 10 miljoen, zoals bepaald in bijlage I van de Groepsvrijstellingsverordening;
oplaadpunt: een walstroomvoorziening die hoofdzakelijk wordt gebruikt voor het opladen van de accu van een elektrische motor van een rondvaartboot. De voorziening wordt gevoed door het vaste stroomnet;
middelgrote onderneming: een onderneming met minder dan 250 werknemers, een jaaromzet van minder dan € 50 miljoen of een jaarlijks balanstotaal van minder dan € 43 miljoen, zoals bepaald in bijlage I van de Groepsvrijstellingsverordening;
rondvaartboot: een passagiersvaartuig, zoals gedefinieerd in de VOB 2010, hoofdzakelijk gebruikt voor of bestemd tot het vervoer van personen, of om beschikbaar te worden gesteld aan een of meer personen ten behoeve van varende recreatie waarvoor een geldige vergunning als bedoeld in artikel 2.4.5, eerste lid, van de VOB 2010 is afgegeven;
VOB 2010: Verordening op het binnenwater 2010.
Hoofdstuk
Artikel 1
Begripsbepalingen
Onderdeel van Bijzondere Subsidieverordening Stimulering Schone Rondvaart