1. De met toezicht en handhaving van deze verordening belaste ambtenaren zijn:
- De ambtenaren van politie als bedoeld in art. 141 onder b wetboek
van Strafvordering, die werkzaam zijn in de gemeente Maasgouw;
- De aangewezen toezichthouders van de gemeente Maasgouw;
- De militairen van de Koninklijke marechaussee, als bedoeld in art.
141 onder c wetboek van Strafvordering die op grond van art. 58
Politiewet 1993 bijstand verlenen aan het regiokorps Limburg-Noord
en werkzaam zijn in de gemeente Maasgouw.
- Personen in de openbare dienst van een vreemde staat of van een
volkenrechtelijke organisatie die in Nederland op door het
volkenrecht toegelaten wijze hun bediening uitoefenen, conform de
hiertoe gemaakte uitvoeringsafspraken.
2. De in lid 1 genoemde personen zijn bevoegd alle maatregelen te treffen en die bevelen te geven die zij noodzakelijk oordelen met het oog op de handhaving.
3. Een ieder is verplicht de aanwijzingen, door een persoon als genoemd in het eerste lid, op grond van deze verordening gegeven, stipt op te volgen.
4. De burgemeester kan een in de gemeente dienstdoende ambtenaar van politie machtigen in zijn naam besluiten te nemen of andere handelingen te verrichten met inachtneming van het gestelde in artikel 177 Gemeentewet.
5. Overtreding van het bepaalde in deze verordening is strafbaar op grond van artikel 443 van het Wetboek van Strafrecht.