Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2.

Artikel 5.

De procedure van het doen van een aanbod

Onderdeel van Verordening Wet inburgering gemeente Eindhoven 2011

1.. Het college doet het aanbod, bedoeld in artikel 19 eerste of tweede lid van de wet, schriftelijk in tweevoud, nadat een intakegesprek en het bepalen van de voorziening in samenspraak met inburgeringsplichtige heeft plaatsgevonden. 2.. Het college kan ervoor kiezen om de  inburgeringsplichtige los van de voor­ziening een opstarttraject aan te bieden. 3.. De inburgeringsplichtige aan wie een aanbod wordt gedaan, deelt met een on­dertekend exemplaar van de aanbiedingsbrief, binnen de daartoe gestelde ter­mijn het college mee of hij het aanbod al dan niet aanvaardt. 4.. Wanneer de inburgeringsplichtige het aanbod aanvaardt start het college binnen 2 weken na ontvangst van de mededeling de doorgeleiding naar de betref­fende aanbieder, overeenkomstig het gedane aanbod, zoals bedoeld in het eerste lid. 5.. Indien een oudkomer met een inburgeringsplicht het aanbod alsnog niet aan­vaardt, neemt het college op grond van artikel 26 van de wet een handhavingsbesluit. De oudkomer wordt schriftelijk medegedeeld dat hij is gehouden aan de inburgeringsplicht en binnen welke termijn hij aan deze plicht moet voldoen. Voor de nieuwkomer is de termijn bij wet geregeld. 6.. Bij het toepassen van het vijfde lid kan het college rekening houden met een aanvraag schulddienstverlening of een bestaande schuldregeling bij de unit Schulddienstverlening van de gemeente Eindhoven. Het college kan ook rekening houden met een bestaand traject Wet Schuldsanering natuurlijke personen (WSNP).

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel