**1.** Een ondersteuningsvrager kan voor een voorziening als bedoeld in artikel 30 onder a in aanmerking komen indien aantoonbare beperkingen het normale gebruik of de bereikbaarheid van de huidige woning belemmeren.
**2.** Een ondersteuningsvrager kan voor de in artikel 30 onder b, c, e en f vermelde voorziening in aanmerking komen indien:
de in artikel 30 onder a vermelde voorziening niet de goedkoopst adequate woonvoorziening is; en
de huidige woning van de ondersteuningsvrager bouwtechnisch gezien op een adequate wijze is aan te passen; en
de aanpassing(en) langer dan zes maanden een adequate oplossing bieden in relatie tot de beperkingen van de ondersteuningsvrager.
**3.** Een ondersteuningsvrager kan voor een voorziening als bedoeld in artikel 30 onder d in aanmerking komen wanneer sprake is van een op basis van aantoonbare beperkingen aanwezige gedragsstoornis met ernstig ontremd gedrag tot gevolg waarbij alleen het zich kunnen afzonderen kan leiden tot een situatie waarin deze persoon tot rust kan komen.
Hoofdstuk 7
Artikel 31
Primaat van de verhuizing en de uitraasruimte
Onderdeel van Verordening voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Bronckhorst 2010