Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 13.

Artikel 66.

Subsidienormen.

Onderdeel van Subsidieverordening Welzijn, Cultuur en Sport Gemeente Brunssum 2009

De subsidie kan bestaan uit: een basissubsidie; een vast bedrag per werkend lid; een bedrag voor fondsvorming c.q. renteloos voorschot; een bedrag per activiteit; een bijdrage in de kosten van scholing en/of opleiding, en/of een nader door het college te bepalen bedrag. Ad a. De basissubsidie bedraagt voor: een zangvereniging € 454,00 per jaar; harmonieën, fanfares, brassbands en drumfanfares: € 1.815,00 per jaar; aanhorige drumbands met tenminste 10 werkende leden: € 567,00 per jaar; zelfstandige drumbands: € 907,50 per jaar; majorettekorpsen: € 544,50 per jaar; overige instrumentale verenigingen: € 680,50 per jaar; schutterijen: € 907,50 per jaar; amateur schilderverenigingen: € 227,00 per jaar. Ad b. De subsidie per werkend lid woonachtig in Brunssum bedraagt voor: een zangvereniging: € 22,50 per jaar; harmonieën, fanfares, brassbands, drumfanfares: € 22,50 per jaar; zelfstandige drumbands: € 22,50 per jaar; overige instrumentale verenigingen: € 11,00 per jaar; schutterijen per gewapend c.q. geüniformeerd lid of bespeeld instrument: € 22,50 per jaar. Ad c. Voor de aanschaf van instrumenten en/ of uniformen of concertkleding ontvangen de verenigingen jaarlijks een bedrag voor fondsvorming. De subsidie voor fondsvorming bedraagt het hierna vermelde percentage van de werkelijk betaalde contributie over dat jaar met het hierna vermelde, daaraan verbonden maximum bedrag per werkend lid woonachtig in Brunssum: zangverenigingen: 25 % zulks tot een maximaal bedrag ad € 13,50 per jaar; harmonieën, fanfares, brassbands, drumfanfares, drumbands en schutterijen: 35 %; zulks tot een maximaal bedrag ad € 27,00 per jaar; overige instrumentale verenigingen: 30%: zulks tot een maximaal bedrag ad € 16,00 per jaar. Ad d. De subsidie per activiteit, niet zijnde een activiteit als bedoeld in artikel 65, lid 1 van deze regeling bedraagt voor: zangverenigingen: € 91,00 per openbaar optreden in Brunssum met een maximum van 5 optredens per jaar. harmonieën, fanfares, brassbands en drumfanfares inclusief de aanhorige drumband: € 159,00 per openbaar optreden in Brunssum met een maximum van 5 optredens per jaar; drumbands, schutterijen en overige instrumentale verenigingen: € 91,00 per openbaar optreden in Brunssum met een maximum aantal van 5 per jaar; dansverenigingen: € 227,00 per openbaar optreden in Brunssum met een maximum van 4 uitvoeringen per jaar; amateurtoneelverenigingen: € 680,00 voor het eerste avondvullende toneelstuk, inclusief de eerste voorstelling daarvan in Brunssum; € 340,00 voor het tweede avondvullende toneelstuk, inclusief de uitvoering daarvan in Brunssum; € 136,00 per voorstelling in Brunssum voor maximaal 3 vervolgvoorstellingen per gezelschap per jaar. In geval de toneelstukken één akters betreffen, dan bedraagt de subsidie respectievelijk € 363,00, € 227,00 en € 91,00. Ad e. De subsidie voor koorscholing bedraagt voor zangverenigingen maximaal 25% van het bedrag van het schoolgeld verschuldigd aan de Stichting SMK voor de opleiding van ten hoogste tien in Brunssum woonachtige werkende leden per koor, die de cursus koorzang volgen. De subsidie voor muziekopleidingen bedraagt voor harmonieën, fanfares, brassbands en drumfanfares 25% van het bedrag van het schoolgeld, verschuldigd aan de Stichting Muziekschool Kerkrade voor de opleiding van ten hoogste tien in Brunssum woonachtige werkende leden per gezelschap, die de cursus HAFA volgen. Ad f. Ten behoeve van investeringen voor de aanschaf van instrumenten en/of uniformen of concertkleding kan aan de verenigingen, die op grond van deze regeling een bedrag voor fondsvorming ontvangen, van gemeentewege een renteloze lening worden verstrekt tot ten hoogste het bedrag gelijk aan tien maal de hoogte van de subsidie ten behoeve van fondsvorming, over het jaar waarin de renteloze lening wordt gevraagd. Nadat tenminste 25% van het bedrag van de hier voren bedoelde renteloze lening is afgelost, kan een nieuwe lening worden verstrekt, die tezamen met het nog niet afgeloste gedeelte van de lening, niet meer bedraagt dan tien maal het subsidiebedrag dat ten behoeve van fondsvorming wordt verleend in het betreffende jaar. Indien een vereniging een renteloze lening heeft opgenomen, wordt het bedrag voor fondsvorming als bedoeld in deze regeling niet uitbetaald, doch jaarlijks verrekend met de lening totdat deze geheel is afgelost.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel