**1.** Het persoonsgebonden budget voor een rolstoel wordt, conform artikel 21 lid 1 sub a en c van de verordening, vastgesteld als tegenwaarde van de goedkoopst-adequate voorziening, verhoogd met het gemiddelde bedrag voor onderhoud en reparatie voor vergelijkbare rolstoelen in het een na vorige volledige kalenderjaar.
**2.** Een sportrolstoel wordt uitsluitend verstrekt als forfaitaire vergoeding. Het bedrag wordt vastgesteld op 100% van de tegenwaarde van de goedkoopst-adequate voorziening met een maximum van € 2.331,-. Dit bedrag is bedoeld als tegemoetkoming in aanschaf én onderhoud van een sportrolstoel voor een periode van drie jaar.
Hoofdstuk 8
Artikel 32
Vaststelling bedrag persoonsgebonden budget bij rolstoelvoorzieningen
Onderdeel van Besluit voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Bronckhorst 2011